Deze site maakt gebruik van cookies om de inhoud van Secunews vzw te optimaliseren op basis van statistieken over het surfgedrag van onze lezers. Door verder te surfen, aanvaardt u het gebruik van cookies voor deze doeleinden. Zie ons privacybeleid voor meer informatie. Privacyverklaring

A A A

In de huidige crisis lijkt het verschil tussen Gemeentelijke Administratieve Sancties (GAS) en strafrechtelijke sancties misschien kleiner, maar we zien vooral een wisselwerking tussen beide. Hoe en waarom zet de overheid GAS-boetes in om het niet-naleven van inperkingsmaatregelen bestraffen en wat zijn de gevolgen?

 

 

Korte herinnering: wat is een Gemeentelijke Administratieve Sanctie (GAS-boete)?



De wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties (GAS) geeft de gemeenteraden de mogelijkheid om administratieve sancties, zoals een boete of de sluiting van een zaak, op te leggen bij niet-naleving van hun reglement.


Deze wet geeft de gemeente het volledige beheer van deze sancties. Ze kan ze opleggen met het oog op de vervolging van daden van gebrek aan burgerzin of verstoring van de openbare orde die eigenlijk niet geen strafbaar zijn in de klassieke betekenis.


In bepaalde, in de wet duidelijk omschreven gevallen, kan een gemeente die dat wenst in haar regelgeving overtredingen opnemen die al strafbaar zijn en daarbovenop administratieve sancties invoeren voor deze gedragingen. Dit worden "gemengde" administratieve sancties genoemd, zowel strafrechtelijk als administratief.


Deze klassieke of gemengde administratieve sancties kunnen worden vastgesteld door:
 

  • Ambtenaren en politieagenten met absolute bevoegdheid in de materie
  • Gemeentelijke medewerkers die aan de wettelijke voorwaarden voldoen, met uitzondering van de niet gemengde overtredingen.




Inperkingsmaatregelen: welke sancties zijn voorzien?



In een eerder artikel over dit onderwerp werd uitgelegd dat het Ministerieel Besluit van 18 maart 2020 dat voorziet in inperkingsmaatregelen is gebaseerd op de wet van 15 mei 2007 op de civiele veiligheid om inbreuken op alle in het kader van de inperking opgelegde gedragingen te bestraffen.


De sancties staan in artikel 187 van deze wet, namelijk een gevangenisstraf van acht dagen tot drie maanden, en een geldboete van zesentwintig euro tot vijfhonderd euro, of met één van die straffen. Door de huidige opcentiemen is dat dus van 208 tot 4000 Euro. Het is aan de rechtbank om het uiteindelijke bedrag te bepalen.


Dit zijn strafrechtelijke sancties. Het zijn dus niet de gemengde overtredingen in de Wet op de Administratieve Sancties waarnaar in het vorige punt werd verwezen. Dit betekent dat ze a priori verschillen van administratieve sancties en dat ze in een zuiver strafrechtelijke procedure worden toegepast, namelijk:
 

  • Geverbaliseerd door een politieambtenaar
  • Behandeld door de parketten
  • Er wordt een minnelijke schikking voorgesteld
  • Bij gebrek aan betaling wordt de zaak doorverwezen naar een strafrechter die zal beslissen in het voordeel van de overtreder die zich verdedigt, of de eis tot veroordeling van het parket zal volgen


De huidige gebeurtenissen hebben echter tot een andere situatie geleid, aangezien de federale regering sinds 7 april 2020 specifieke maatregelen heeft voorzien met betrekking tot de sancties.


 

De toepassing van administratie sancties met betrekking tot de inperking



In het Koninklijk Besluit Nr. 1 van 6 april 2020 [1] heeft de federale regering beslist om de sancties op het niet naleven van de inperkingsmaatregelen voorzien in het besluit van 23 maart 2020, waarin aan de burgers wordt gevraagd thuis te blijven, “gemengd” te maken.


Wat houdt dat in? Dit betekent dat een gemeente, indien zij dit wenst, een gemeentelijke verordening kan uitvaardigen om sancties op te leggen voor het niet-naleven van de volgende inperkingsmaatregelen:

  • De maatregelen met betrekking op de sluiting van handelszaken en de aanpassing van de toegang tot bepaalde winkels
  • De maatregelen in verband met het samenscholingsverbod
  • De inperkingsmaatregelen opgelegd aan de burgers en het verbod op het uitoefenen van bepaalde activiteiten en de daarmee verbonden modaliteiten


In tegenstelling tot de traditionele administratieve sancties kan de gemeenteraad van een Belgische gemeente, als hij besluit om deze sancties in een verordening op te nemen, slechts een boete van 250 Euro opleggen en geen 350 Euro, zoals bij een gewone administratieve sanctie het geval is.


Deze sancties mogen ook enkel worden opgelegd aan meerderjarigen, daar waar de wet van 24 juni 2013 het ook mogelijk maakt jongeren vanaf 14 jaar te sanctioneren.



Maar let op, deze maatregel die de strafrechtelijke sancties van artikel 187 van de hierboven genoemde Wet op de Civiele Veiligheid gemengd maakt, is voorlopig! Zij geldt slechts zolang als de bijzondere bevoegdheden die het Parlement aan de Koning en onze federale regering heeft toegekend, namelijk gedurende 3 maanden vanaf 30 maart 2020 (eenmaal verlengbaar door de Kamer van volksvertegenwoordigers).



Ambre VASSART

Juriste



Bronnen:

https://www.vvsg.be/kennisitem/vvsg/coronavirus-actuele-informatie-en-richtlijnen

 

https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&pub_date=2020-04-07&caller=list&numac=2020020733

 



Lees ook:

De gemeentelijke administratieve sancties: overzicht van een lokaal juridisch instrument


De gemeentelijke administratieve sancties: van boete naar alternatieve straffen


De gemeentelijke administratieve sancties: waaraan kan men zich verwachten?


Federale inperkingsmaatregelen: sancties voor niet-naleving van de voorschriften




[1] betreffende de bestrijding van de niet-naleving van de dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken door de invoering van gemeentelijke administratieve sancties