Een slachtoffer van seksuele agressie neemt je in vertrouwen: wat doe je?

Als iemand in je omgeving je toevertrouwt dat hij of zij seksueel werd aangerand, dan kan je dat schokken, zeker als je ook de dader kent. Hoe kan je helpen? Welke fouten moet je vermijden? Welk advies kun je geven?  

 

Moeilijk om over te praten

Slachtoffers van aanranding vinden het vaak moeilijk te vertellen wat hen is overkomen is, zozeer zelfs dat het jaren kan duren voor ze iemand in vertrouwen nemen. Dit is een belangrijke stap naar genezing, eentje waarbij jij kan helpen. Je moet dus gepast reageren.

Slachtoffers zwijgen soms jarenlang om diverse redenen:

  • Moeilijkheden om zelf het misbruik te beseffen: slachtoffers voelen zich bezoedeld en schamen zich. Ze zouden willen vergeten wat hen is aangedaan, soms wegzinkend in ontkenning. Het duurt lang voor ze beseffen dat ze misbruikt zijn en dit toegeven. Dit gaat meestal gepaard met een echte schok. Soms praten ze pas na uiteenlopende fysieke klachten of een depressie;
  • Slachtoffers zijn bang om niet geloofd te worden;

  • Ze willen geen gezichtsverlies lijden: ze zijn ook bang voor het beeld dat ze uitstralen als hun agressie bekend wordt, voor hoe ze aangekeken zullen worden;
  • De slachtoffers zijn bang voor de gevolgen van een klacht, zowel voor zichzelf als voor de dader. Bovendien worden ze vaak ontmoedigd door de procedure die volgt, vooral omdat ze twijfelen of de klacht wel enig gevolg zal hebben;
  • Het schuldgevoel: Paradoxaal genoeg voelen de slachtoffers zich meestal zelf schuldig. Ze vragen zich af: "Is dit niet voor een stuk mijn eigen schuld? Heb ik alles gedaan om te voorkomen wat me overkwam? Was ik niet te onvoorzichtig?" 

 

Wat moet je zeker niet zeggen?

De vertrouwenspersoon heeft misschien de neiging de feiten te bagatelliseren om het slachtoffer gerust te stellen of de situatie te relativeren. Zeg dus zeker niets in de trant van:

  • Je bent er toch heelhuids uitgekomen, er zijn ergere dingen in het leven
  • Het is maar één keer gebeurd, in de grond is dat geen kwaaie” om de dader te vergoelijken
  • Het is gebeurd, je kan beter je ideeën focussen op al het goede van vandaag, het is toch al zo lang geleden” om de feiten te relativeren

 

Wat moet je wel doen?

Laat de gespecialiseerde aanpak over aan professionals (psychologen en politiemensen).

De vertrouwenspersoon van het slachtoffer moet vooral luisteren, veel luisteren, zonder te oordelen. De slachtoffers moeten het gevoel hebben dat zij worden geloofd, ook al zijn de feiten oud en zijn zij soms verward. Het zal uiteindelijk aan de rechter zijn te oordelen of de feiten al dan niet zijn gebeurd en in welke omstandigheden. Slachtoffers verwachten dit niet van iemand bij wie ze hun hart luchten. Het dooreenhalen van rollen - de vertrouwenspersoon speelt de onderzoeker - kan zeer schadelijke gevolgen hebben.

Toch kan de vertrouwenspersoon het slachtoffer helpen zich minder schuldig te voelen en in te zien dat de echte schuldige de dader is.

 

Welke raad kan je het slachtoffer geven?


In een eerste fase
moet worden aangeraden niets weg te gooien dat sporen of aanwijzingen zou kunnen dragen (voor zover deze nog bestaan) of dat met de agressor in aanraking zou kunnen zijn geweest: lakens, kleren en horloge. Het is ook raadzaam de plaats van het misdrijf niet te verontreinigen of schoon te maken.

Hoewel dit delicater is, is het, als de gebeurtenissen recent zijn, zeker van belang dat het slachtoffer zich niet wast, zodat bruikbare stalen zoals sperma kunnen worden genomen.

Het is immers belangrijk het materiële bewijsmateriaal niet te verontreinigen.

Je moet erop te wijzen dat deze voorzorgsmaatregelen ook nuttig zijn als het slachtoffer niet onmiddellijk klacht wenst in te dienen. Sommigen veranderen later van gedacht.


Begeleid het slachtoffer bij elke stap die het zet:
Een vertrouwenspersoon kan een nuttige rol spelen, maar is in principe niet opgeleid om alle hulp te bieden die het slachtoffer nodig zal hebben.

Je kan dus best volgende contacten te leggen:

  • Diensten voor slachtofferhulp: verschillende instanties beschikken over dergelijke gespecialiseerde diensten (bij de politie en in het justitiehuis). Je vindt hun contactgegevens op het internet;
  • Sommige diensten bieden een gespecialiseerde hulp aan slachtoffers van seksueel geweld met een gratis nummer (https://www.seksueelgeweld.be/ik-ben-slachtoffer)
  • In ieder geval is medische opvolging noodzakelijk, met name voor preventieve doeleinden (opsporen van SOA's of vaccinatie). Ook een medisch attest kan nuttig zijn om eventuele sporen vast te stellen.


Tot slot stelt zich de vraag over al dan niet klacht neerleggen.

De vertrouwenspersoon moet begrijpen dat enkel het slachtoffer kan beslissen wat het wil.

De vertrouwenspersoon kan het slachtoffer er echter aan herinneren dat

  • dat het nergens schuldig aan is en dat wat het heeft meegemaakt niet normaal is;
  • dat hoe langer het wacht met het indienen van een klacht, hoe moeilijker het zal zijn om de feiten vast te stellen;
  • dat het niet alleen staat in deze moeilijke beproeving en dat het kan rekenen op zijn hulp en op de hulp van gespecialiseerde diensten.

Hij kan dan aanbieden haar te vergezellen naar een politiebureau om klacht in te dienen of, beter nog, naar een "Centrum voor de aanpak van seksueel geweld" waar alle diensten worden aangeboden (medisch en psychologisch) en waar het ook mogelijk zal zijn een klacht in te dienen zonder daartoe te worden gedwongen.


Volgend artikel: Hoe kan je het slachtoffer van seksuele agressie helpen en klacht indienen?



Claude BOTTAMEDI
Korpschef van een politiezone o. r.